13 april 2020 Tweede Paasdag

 

Het lastige van het leven is dat we het niet in eigen hand hebben, ook al kunnen we veel organiseren, regelen en volop gebruik maken van (medische) kennis en middelen. Het coronavirus bepaalt ons – volgens psychiater Damiaan Denys in een artikel in het NRC/Handelsblad – bij de onhoudbaarheid van de heersende maakbaarheidsopvatting. Terecht wijst hij erop dat niemand zijn eigen leven tot stand heeft gebracht en in die zin er dus ook geen ‘recht’ op heeft. Wel zijn er volgens hem rechten, normen, waarden en consequenties aan het leven verbonden als je het eenmaal hebt gekregen.

Voor mij is dat onlosmakelijk verbonden met het christelijk geloof. Daarin belijden we dat het leven een geschenk is dat we uit de hand van God ontvangen. In Psalm 36:10 staat: Bij U, God, is de bron van het leven, door úw licht zien wij licht. In het Nieuwe Testament staat: God ís licht, in hem is geen spoor van duisternis (1 Johannes 1:5). Deze God is de Vader van Jezus Christus die gezegd heeft: Ik ben het licht voor de wereld. Wie mij volgt loopt nooit meer in de duisternis, maar heeft licht dat leven geeft (Johannes 8:12). Niet voor niets zei Hij tegen zijn volgelingen: Jullie zijn het licht in de wereld (Matteüs 5:14).

Laten we dat licht dan ruimte geven. Als eerste in onszelf – bij alle onrust en angst die er misschien ook bij u en jouzelf is. En vooral: laten we het licht van Gods liefde voor de mensen laten schijnen, voor ieder die behoefte heeft aan houvast. Juist in deze tijd waarin het coronavirus rondgaat als een onzichtbaar, maar levensbedreigend gevaar.